Dashboard waarschuwingslampjes: Welke mag je negeren en bij welke moet je direct stoppen?
Weinig dingen geven je zo’n acute lichte paniekaanval als een piepje uit het dashboard, gevolgd door een fel brandend symbool. Het instructieboekje ligt meestal ergens onder een stapel parkeerbonnetjes, of de uitleg erin is ronduit onduidelijk.
Voordat je de auto stilzet op de donkere, gevaarlijke vluchtstrook, is het belangrijk om één basisregel te begrijpen: De kleurcode. Autofabrikanten gebruiken grofweg dezelfde verkeerslicht-logica.
Groen of Blauw: Alles is oké
Deze lampjes lichten op om aan te geven dat een systeem actief is (zoals je dimlicht, cruise control of grootlicht). Niks aan de hand, lekker doorrijden.
Oranje/Geel: Waarschuwing (Niet direct stoppen)
Een oranje lampje betekent: er is een storing, maar het is niet levensbedreigend voor jou of de motor. Je mag hiermee doorrijden, maar laat er op de korte termijn naar kijken.
Rood: Direct stoppen! (Gevaar)
Rood is altijd foute boel. Als je een rood lampje negeert, resulteert dit vrijwel altijd in onherstelbare, catastrofale motorschade, of een acuut gevaar voor je veiligheid.
Zet je auto op de vluchtstrook, motor direct uit en bel hulp.
Vuistregel: Brandt er een lampje en weet je het niet zeker? Oranje betekent naar de garage rijden, rood betekent de wegenwacht bellen. Simpel, en het bespaart je een vermogen!
DitIsChristian
Creator of CarBox